Ruiterdiploma

Het ruiterdiploma is een mooie manier om al het geleerde in praktijk te brengen en om op die manier door te groeien in de paardensport. Op deze manier kun je hobby en sport op een prettige manier combineren met voluit mogelijkheden om hogerop te komen in de paardensport.

Je kunt diploma’s halen voor dressuur (F-proeven) en voor Caprilli & klassiek parcours (C-proeven) en dit gaat op de volgende manier. Op de manege worden wedstrijden uitgeschreven waarbij een onafhankelijk en hiervoor speciaal opgeleidde jury van de F.N.R.S. de proeven afnemen. Aan elke proef is een puntentelling verbonden en wanneer je boven een vastgesteld aantal punten komt krijg je een promotiepunt (PP). Met zo’n promotiepunt kun je de volgende keer weer een proef hoger starten. Indien je dan weer een PP pakt en je voldoet ook aan de eisen voor het theorie-examen wat wordt afgenomen dan krijg je een diploma (wordt bijgeschreven in je ruiterpaspoort). Even een voorbeeldje: Je start in F1 en haalt een PP, dan mag je starten in F2 als je weer een PP haalt en het theorie-examen dan krijg je het diploma F2 en mag je de volgende keer uitkomen in F3. Vanaf F3 heb je twee PP’s nodig om door te gaan. Haal je deze, dan kom je uit in F4. Haal je dan ook twee PP’s en je theorie-examen dan ontvang je weer een diploma. Enz. Hoe hoger je komt hoe zwaarder de eisen. Bij elke even proef (tot F6) moet er een theorie-examen worden afgelegd. Voor elke fout krijg je een –punt bij de praktijk. Met meer dan 3 fouten volgt diskwalificatie. Doordat je resultaten worden bijgeschreven in het ruiterpaspoort weet iedere manegehouder op welk paard hij jou veilig kan laten rijden. De theorie bij de dressuur gaat over “harnachement & manegefiguren” “Exterieur” en “rijtechniek”. Bij Caprilli & klassieke parcours is er maar een theorie-examen waarbij het gaat over “springen”